Artikel

Jan SinnigeJan Antho­nius Sinnige

Geboren te Aker­sloot op 20 september1917. Getrouwd in 1942 met „onbek­end”, na de oor­log voor de tweede maal getrouwd met Anna, achter­naam onbek­end. Beroep: handelaar/​zakenman. Verzetsnaam: Jan de Vries

Zijn vader stierf in 1930 toen Jan nog maar der­tien was. Na de lagere school, nog voor de oor­log begon, moest Jan de kost ver­di­enen voor zijn moeder, broers en zussen, totaal 12 per­so­nen. Hij bleek een geboren onder­han­de­laar die overal brood in zag en zijn waren goed wist te verkopen. Op zijn bak­fi­ets fiet­ste hij West-​Friesland door met, of op zoek naar, han­del­swaar. In 1941 verkocht hij 10 pond koffie aan par­ti­c­ulieren. Omdat koffie op de bon was werd dit als zwarte han­del beschouwd. Dat zou hem later nog opbreken. Begin 1942 ging hij met zijn eerste vrouw in Scha­gen wonen aan de Regen­ten­straat 63. Vanuit Scha­gen reisde hij vaak met de trein naar Alk­maar. In de trein leerde hij Ger­rit Sloof uit Sint Maarten ken­nen en Piet Ott uit Schager­brug. Zo kwam hij bij de organ­isatie die in onze regio onder­duik­ers aan een adres hielp. Toen in 1943 de Lan­delijke Organ­isatie (LO), ook wel LO/​KP, voor hulp aan onder­duik­ers van de grond kwam sloot onze regio zich hier­bij aan. Belan­grijke mensen daarin waren o.a. Jan Sin­nige, Jan Beem­ster­boer, Jan Tes­se­laar en Rein Posthuma. Jan Sin­nige werd dis­trict­slei­der van een omvan­grijk gebied: Scha­gen, Sint Maarten, Harenkar­spel, War­men­huizen, Langedijk, Zijpe, Anna-​Paulowna, Texel en mogelijk iets later Schoorl en Bergen.

Sin­nige en Beem­ster­boer wer­den eind april 1944 gear­resteerd bij de pont in Velsen. Jan Sin­nige belandde, via de doden­cel aan de Weter­ingschans, in kamp Amers­foort, waar hij al spoedig in de straf­bunker terecht kwam en zijn kuiten in het water moest staan. Tij­dens het trans­port naar Duit­s­land, in sep­tem­ber 1944, wist hij op de Veluwe uit een geopend portier­raam te duiken. Eind sep­tem­ber was hij weer thuis en her­vatte onmid­del­lijk zijn ille­gale activiteiten. Zijn vriend Jan Beem­ster­boer, al eerder vrij gekomen uit Amers­foort, deed hetzelfde.

Na de arresta­tie van Jan Sin­nige en Jan Beem­ster­boer op 23 april 1944 werd het dis­trict verdeeld. Piet Ott werd de nieuwe dis­trict­slei­der van de Zijpe en Scha­gen. Rein Posthuma bleef onder-​districtsleider van het dis­trict Schagen/​Warmenhuizen, dat ongeveer het voor­ma­lige Geestmer­am­bacht omvatte.


In de zomer van 1944 waren er al heel wat ille­gale onder­grondse beweg­in­gen. Je had de Lan­delijke Organisatie/​Knok Ploeg (LO/​KP), de Raad van Verzet (RVV) en de Orde Dienst (OD), maar er waren er nog meer over heel Ned­er­land ver­spreid. Door hun uiteen­lopende poli­tieke, gods­di­en­stige en regionale achter­gron­den waren ze niet alle­maal gewend of bereid om samen te werken. Na een oproep van Koningin Wil­helmina via Radio Oranje tot samen­werk­ing, wer­den de Bin­nen­landse Stri­jd­krachten opgericht met als hoog­ste lei­der Prins Bern­hard. De bevelvo­erder in Noord-​Holland werd over­ste Waste­necker. Jan Sin­nige werd com­pag­niecom­man­dant. Daar­naast was hij al hoofd­in­ten­dant van de regionale organ­isatie voed­selvoorzien­ing. De voed­selvoorzien­ing was een top­pri­or­iteit aan het eind van de oor­log.
Het is bek­end dat bin­nen de BS, met al zijn ver­schil­lende bloed­groepen, de een­heid ver te zoeken was.
In een min of meer per­soon­lijke wraakac­tie keerde over­ste Waste­necker zich, aan het eind van de oor­log, met een aan­tal onbe­wi­js­bare ver­dacht­makin­gen tegen Jan Sin­nige. Aan­lei­d­ing was een con­flict tussen Jan Sin­nige en Hil Schip­per, bij­naam „de Kat” (CAT = Com­man­dant Afw­erp Ter­reinen in Span­broek aan de Zomerdijk). In vage bewo­ordin­gen werd Jan beschuldigd van zwarte han­del en lev­er­ing aan de Duit­sers, ook de koffiehan­del aan het begin van de oor­log, werd van stal gehaald. Jan werd zon­der hoor en weder­hoor uit zijn func­tie als com­pag­niecom­man­dant ontsla­gen. Zijn func­tie als hoofd­in­ten­dant voed­selvoorzien­ing bleef onaange­tast. Na een brief aan ZKH Prins Bern­hard, ondertek­end door zijn medestri­jders bij de LO/​KP in West-​Friesland, werd hij in eer her­steld. Over­ste Waste­necker werd 2 maan­den later ver­van­gen door De Byll Nachenius

Uit “De Nieuwe Schager Courant” van zater­dag 23 juni 1945
IN EER HER­STELD
Door ZKH Prins Bern­hard werd de hoofd­in­ten­dant, de Heer J.A. Sin­nige, tevens com­man­dant der 2e com­pag­nie der Bin­nen­landse Stri­jd­krachten, in deze func­tie her­steld. Het ontslag werd door de Prins per­soon­lijk op het hoofd­kwartier der BS, geves­tigd in paleis het Loo te Apel­doorn, gean­nuleerd.
De heer Jan Sin­nige (in onze krin­gen beter bek­end als Jan de Vries) werd enige weken terug uit zijn BS-​functie ontsla­gen om volkomen onbe­gri­jpelijke rede­nen. Het ver­heugt ons dan ook, dat Jan in de rijen der BS volkomen gere­ha­bili­teerd is teruggekeerd”.


Begin sep­tem­ber 1945, ruim twee maan­den nadat prins Bern­hard hem per­soon­lijk een schoud­erk­lop had gegeven, trok Jan Sin­nige zijn mil­i­taire uni­form uit. Moed­erziel alleen, zon­der vast onder­dak en zon­der een cent op zak, keerde hij terug in de burg­er­maatschap­pij. „De mil­i­taire dienst was niks voor mij. Het verzet was heel anders”. Jan Sin­nige begon boven­gronds zijn strijd voor een betere toekomst. Het was hem immers ingepeperd dat hij slechts een straatven­ter was. Een schar­relaar zon­der enige schoolo­plei­d­ing”. Het is hem uitein­delijk goed gelukt.

Op deze site komt bin­nenkort het boek van Jan Sin­nige: Dat was het dan. De verzetsstri­jder Jan de Vries
Mei 1996. ISBN 9064121095

Reac­ties