Voor hen die vie­len 19401945

Ieder jaar op 4 mei, ‘s avonds om acht uur, wor­den overal in Ned­er­land de geval­lenen en de mensen van verzet her­dacht. In Scha­gen houden een verzetsmon­u­ment in het cen­trum, een verzetsmon­u­ment en de straat­na­men in Muggen­burg teza­men de herin­ner­ing lev­end aan hen die vie­len en aan hen de moed had­den zich te verzetten.
Er waren vele vor­men van verzet, van passief verzet, door het zoveel mogelijk negeren van de bezetter, tot het in onze omgev­ing min­der voorkomende gewapende verzet. Verzetslieden van de knok­ploe­gen, de orde­di­enst, de sab­o­tage– en andere groepen en een­lin­gen stre­den ieder op hun manier tegen de vijand en voor de vrij-​heid.
Zo zijn er ook in deze regio veel mensen als een­ling of als lid van een organ­isatie bin­nen het verzet actief geweest. Actief met taken zoals het op sten­cil zetten en ver­sprei­den van radioberichten uit Lon­den, het doorgeven van vijan­delijke troepen­be­weg­in­gen en bewapen­ing aan de kust en elders, het ple­gen van over­vallen voor bonkaarten en bevolk­ingsreg­is­ters, het ver­bor­gen houden van joodse en andere onder­duik­ers, het ver­valsen van per­soons­be­wi­jzen en andere iden­titeitspa­pieren en het ver­voer van voed­sel en wapens ten beho­eve van verzets­groepen. Activiteiten, waar­voor ook hier mensen hun leven gaven. Opval­lend was dat deze mensen, bij het ver­richten van soms lev­ens­gevaar­lijk werk, nauwelijks stil­ston­den bij de risico’s die ze liepen. De een han­delde uit veront­waardig­ing, de ander vanuit zijn geloof en een derde ‚rolde er vanzelf in’. Want in de oor­log smeedde de ille­galiteit een band tussen mensen van ver­schil­lende gezindten en poli­tieke voorkeuren. Het was prak­tisch onmo­gelijk om al deze mensen die een aan­deel had­den in het verzet mid­dels een straat­naam te gedenken. Daarom heeft de gemeente Scha­gen gekozen voor een beperkt aan­tal straat­naamgevin­gen met als doel een eerbe­toon en bli­jvende herin­ner­ing aan allen die zich in de oor­logs­jaren hebben onderscheiden.

Het ini­ti­atief
Kom­rij, Ann­eveldt, Blokker en Goot­jes zijn in Scha­gen vooral bek­ende namen, omdat enkele straten in de wijk Muggen­burg naar deze verzetshelden genoemd zijn. Het drie­man­schap J. Vos, O. Koop­man en G. Jansma heeft een bij­zon­dere bind­ing met deze namen. Zij hebben tij­dens de Tweede Werel­door­log eve­neens in het verzet gezeten. Als dank aan de gemeente Scha­gen voor de her­denk­ing van de verzetshelden in onze wijk, nam het dri­etal het ini­ti­atief voor een mon­u­ment.
Over­vallen, gestolen bevolk­ingsreg­is­ters, onder­duik­ers, ver­val­ste handtekenin­gen.…. Het zijn de karak­ter­istieke ingrediën­ten van een doorsnee oor­logsver­haal. Deze ter­men duiken voort­durend op in hun herin­ner­in­gen en spe­len nog altijd een belan­grijke rol in hun leven. In 1985 organ­iseer­den zij een reünie van verzetsle­den van de groepen Zijpe/​Callantsoog en Scha­gen en ook voor 1990 stond een dergelijke reünie weer op de agenda. Het leek een mooi plan deze bijeenkomst te com­bineren met de onthulling van een sculp­tuur. Het feit dat het voor­ma­lige verzet wordt her­dacht door de gemeente Scha­gen in de vorm van straat­na­men, vond de ras Callantsoger Jan Vos zo mooi, dat hij op zijn beurt de gemeente wilde bedanken met een mon­u­ment. Het moest een sculp­tuur op een sokkel wor­den in de wijk Muggen­burg. Jan zocht con­tact met Ger­rit Jansma uit Hoog­woud, die op zijn beurt Oene Koop­man uit Scha­gen erbij haalde. Na over­leg kwa­men zij tot het besluit: dat mon­u­ment moet er komen. Zij vor­m­den een drie­man­schap en noemde dat: Comité Vri­jhei­dsstrijd 19401945.


Onthulling
Uit alle wind­streken kwa­men ze, de ex-​strijders die het comité voor de cer­e­monie had uitgen­odigd. Zelfs uit Canada. Het echt­paar Luider, 38 jaar gele­den naar Cal­gary in Canada vertrokken, had de vlucht over de Atlantis­che Oceaan gewaagd. Mensen die elkaar direct na de bevri­jd­ing uit het oog had­den ver­loren, schud­den elkaar na 45 jaar weer de hand. Met ver­twi­jfelde gezichten probeer­den kam­er­aden van weleer elka­ars namen voor de geest te halen, iets dat na de herken­ning met het nodige ent­hou­si­asme en een brede lach gevierd werd. Maar die opgewek­theid maakte plaats voor bewogen blikken, toen O. Koop­man en M. Mink de gruwe­len van ruim 45 jaar gele­den weer lieten her­leven. Dichteres M. Mink bracht een gedicht over de „Gewonde Sol­daat”. Oene Koop­man blikte terug aan de hand van daden van de Zijper verzetsstri­jder Piet Ott, verzetscom­man­dant van de leden van het comité.

De echtgenote van wijlen Piet Ott, Nel Ott-​Gootjes, onthulde het mon­u­ment. Zo wordt voor vele gen­er­aties de herin­ner­ing aan het verzet lev­endig gehouden.

Hol­land zullen we nooit geven
Hol­land is ons hoog­ste goed,
Daar­voor geven wij ons leven
Daar­voor storten wij ons bloed.
Hol­land is geen land van slaven
Hol­lands grond wordt nooit onteerd,
Liever dood er in begraven
Dan als knecht er geregeerd.