Artikel

Josina van Beieren van Scha­gen, derde vrouwe (14801535)

Josina


Josina was de enige dochter van Albrecht I en vol­gde hem op als vrouwe van Scha­gen. Bij haar aantre­den was zij min­der­jarig. Haar oom Jan van Beieren, een jon­gere broer van haar vader, trad op als voogd. Josina trouwde met Wouter van Egmond en na diens dood met Joost van Bors­se­len. Beide huwelijken bleven kinderloos.

In 1517 werd Scha­gen geplun­derd door de Gelderse Friezen, ook wel Zwarte Hoop genoemd. Het slot en zijn bezetting beleken niet bestand tegen deze over­ma­cht. In 1524 werd Willem Wig­ger­szoon van Barsinger­horn om zijn gehechtheid aan de doops­gezinde leer, in de voorhof van het kas­teel onthoofd. Na meer dan 50 jaar vrouwe van Scha­gen te zijn geweest droeg Josina haar rechten over aan Jan van Beieren, de zoon van haar oom Jan, die eens haar voogd was.

Jan II van Beieren van Scha­gen, vierde heer (15351542)

Jan II van Beieren was diverse keren burge­meester van Haar­lem, hoogheem­raad van Rijn­land en boven­dien heer van Burghorn. Hier­door kwa­men Scha­gen en Burghorn na 110 jaar weer onder één heer. Het bezit van Jan werd betwist door zijn nicht Johanna, dochter van een oud­ere broer. Gevolg een lang­durig pro­ces voor het Hof van Hol­land. Dit werd na zijn dood door een uit­spraak van de Hoge Raad van Meche­len beslist. Jan over­leed in 1542, hij was toen negentig jaar.

Willem II van Beieren van Scha­gen, vijfde heer (15421548)

Willem II vBvS


Jans oud­ste zoon Willem vol­gde zijn vader op. Hij trouwde met Elis­a­beth van Bron­ck­horst. Op 21 decem­ber 1548 stierf hij. Zijn vrouw en kleine kinderen bleven berooid achter. Die slechte finan­ciële posi­tie was al ontstaan tij­dens het leven van Jan. De fam­i­lie regelde deze kwestie in der minne. Getu­ige een later von­nis van het Hof van Hol­land toch niet geheel “in der minne”. In 1571 besliste het Hof dat een legaat uit­be­taald moest wor­den en dat een beslag gelegd op enige onroerende goed­eren niet geldig was.

Jan III van Beieren van Scha­gen, zesde heer (15481618)

Anna van BvS van Assendelft 1547

Jan was 4 jaar toen zijn vader stierf. Zijn moeder, bijges­taan door haar vader Joost van Bron­ck­horst, trad op als plaatsver­vanger. In 1572 werd Jan ook heer van Oud en Nieuw Goudri­aan. Jan trouwde met Anna van Assendelft (afbeelding).

In 1603 werd de eerste paar­den­markt gehouden en in 1605 ging de Schut­ters­doe­len te niet. De broers Tate en Huib­ert Philipsz. kri­j­gen in 1617 octrooi op de mes en ploeg houtverbind­ing. In 1618 wordt een begin gemaakt met de ver­fraai­ing van de kerk.Jan bleef in de tijd van de refor­matie Rooms Katholiek en koos de zijde van de kon­ing van Spanje. Hij bevond zich op een der Spaanse schepen van Bossu die werd ver­sla­gen op de Zuiderzee. Jan werd gevan­gen gezet en zijn goed­eren wer­den in beslag genomen. Diederik van Sonoy ver­huisde zijn Bloe­draad van Alk­maar naar het kas­teel van Scha­gen. In 1557 wer­den enige rooms­gezin­den van land­ver­raad beschuldigd en op het slot gepi­jnigd. Eén hun­ner, Kop­pen Cor­nelisz. bezweek onder de folterin­gen. Zijn zoon Nan­ning Kop­pensz. werd tot beken­te­nis ged­won­gen en te Hoorn op het schavot onthoofd. In 1573 werd op bevel van Sonoy een zekere kapitein, Michiel Crok, onthoofd wegens vele wreed­he­den door hem en zijn man­schap­pen, in het Noorderk­wartier bedreven.

[Michiel Crock]

CROCK (Michiel), of Croocq en Krock, was naar alle waarschi­jn­lijkheid een Luike­naar of Waal, miss­chien wel afkom­stig uit het adelijk ges­lacht van du Crocq. Hij staat in de geschiede­nis als een hevig vijand der geestelijkheid en een woeste plun­der­aar van vriend en vijand bek­end. Met Lumey in het land gekomen, was hij onder de innemers van den Briel. Hij klom op tot kapitein, doch over zijn moed en be–

[p. 849]

leid valt niet te roe­men, en zijne over­haaste vlugt van Ams­ter­dam. dat hij met driehon­derd man aan de overz­i­jde van het IJ bezet hield, gedurende de korte belegering door den graaf van der Mark, was een blijk, dat hij voor den wezen­lijken krijg niet geschikt was. Hij ging met zijne euvel­daden inmid­dels voort, doch toen Sonoy, onder wiens opper­bevel hij in Noord-​Holland diende, hem eens dreigde te straf­fen, kwam hij er met belofte van beter­schap af. Hij maakte het echter in het ver­volg zoo grof, dat ein­delijk zijn lui­tenant en verdere sol­daten weiger­den te dienen onder zulk een hop­man. Op zek­eren tijd dronken zijnde, had hij aan den Lan­gendijk een priester neus en ooren afgesne­den, hem aan den staart van een paard gebon­den en ten laat­ste doorsto­ken. Dit kon Sonoy niet langer ver­dra­gen; hij ver­gaderde het geheele vendel van Crock, beschuldigde hem voor al zijn volk van ver­schei­dene gruwe­len en gebood oogen­blikke­lijk zijn dood. Op den wen­sch zijner sol­daten, dat zijn doo­d­von­nis niet in hunne tegen­wo­ordigheid mogt wor­den voltrokken, werd hij naar het hof van Scha­gen gevo­erd en aldaar den 10den of 11den Feb­ru­arij 1574 onthoofd.

Zie Bor, Ned­erl. Oorl., B. VI. bl. 291, 294, 318; Lev­ens­beschr. der Ned. Vorst. en Held., D. II. bl. 16; van Gronin­gen, Geschied. der Watergeuzen, bl. 191, 444; Arend, Algem. Geschied. des Vaderl., D. II. St. 5. bl. 171, die hem Michiel Crooij noemt, en op bl. 295, Michel Krok.

Reac­ties

REAC­TIES:

Op zoek naar gegeven over Jan I van Scha­gen, die in 1481 defin­i­tief heer van Burghorn werd, stuitte ik op het gegeven dat hij ook burge­meester van Haar­lem is geweest en hoogheem­raad van Rijn­land.
In het artikel „Heren en Vrouwen van Scha­gen 2″ staat over dat onder­w­erp iets onder Jan II van Scha­gen, maar die was pas heer van Burghorn na 1535, ter­wijl in de lijst van burge­meesters van Haar­lem Jan van Scha­gen wordt ver­meld als burge­meester (1e keer) tussen 1527 en 1531, ver­vol­gens in de peri­ode 15341536 en ten slotte (3e keer) in de peri­ode 15381540.

Het ver­moe­den bekruipt me dat niet Jan II de burge­meester van Haar­lem was, maar zijn vader Jan I.
Het is uit­er­aard hele­maal niet onmo­gelijk dat de zoon al burge­meester van Haar­lem en hoogheem­raad van Rijn­land was ter­wijl zijn vader nog heer van Burghorn was.

Ik kan er naast zit­ten, maar het is zeker de moeite waard een en ander eens uit te zoeken.

Karel Numan (Dit e-​mailadres wordt beveiligd tegen spam­bots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bek­ijken. )